Beangstigende blik op de toekomst


Dat oudere mensen (al dan niet met dementie of alzheimer) bij een infectie of bij opname in het ziekenhuis opeens véél verwarder kunnen zijn, was iets wat ik niet wist. Tot ik er ineens mee geconfronteerd werd en daarmee ook een beangstigende blik op de toekomst kreeg…

Zoals voorzien, zou mijn schoonmoeder enkele dagen na de consultatie op orthopedie opgenomen worden op de dienst geriatrie voor observatie en evaluatie van haar geestelijke toestand, teneinde na te gaan of een operatie aan haar knieën al dan niet opportuun was.

Tijdens de twee dagen dat ze nog thuis is ná de consultatie op orthopedie en vóór de opname op geriatrie, valt het me op dat ze toch wel verwarder is dan anders. Het ene moment vertelt ze vol overtuiging dat ze moet geopereerd worden terwijl ze enkele minuten later alweer vraagt wanneer en waarom ze nou eigenlijk naar het ziekenhuis moet en dan is ze de hele knie-affaire blijkbaar vergeten, inclusief de pijn. Als ik haar de ochtend van de opname thuis ga ophalen, moet ik haar opnieuw de hele uitleg doen… dat ze enkele dagen moet opgenomen worden en dat men enkele testen zal doen om te zien wat op lange termijn het beste is voor haar: opereren of niet. Ik merk wel dat ze aan ‘niet opereren’ haar eigen niet-correcte conclusies verbindt – namelijk dat haar knieën er zó erg aan toe zijn dat opereren zelfs geen zin meer heeft – maar dat laat ik maar even zo.

Zodra we in het ziekenhuis aankomen, verandert haar hele houding. Ze wordt stiller, staart wat voor zich uit en is helemaal in zichzelf gekeerd. Precies zoals tijdens de eerdere consultaties. Eenmaal op de dienst geriatrie krijgt ze een plaatsje op een gemeenschappelijke kamer van vier toegewezen. Wanneer ik haar spulletjes begin uit te pakken en in de kasten leg, vraagt ze waarom ze daar moet blijven. Ik hoor een mengeling van boosheid en angst in haar stem en probeer haar voor de zoveelste keer geduldig uit te leggen wat de bedoeling is. Gelukkig komt de verpleging al snel om bloeddruk en hartslag te meten en mijn schoonmoeder denkt in de verpleegster een buurmeisje te herkennen terwijl dat natuurlijk helemaal niet zo is. Ze wijst ook dingen in de kamer aan die er helemaal niet zijn. Echt helemaal verward is ze. Zo erg was het eigenlijk nog nooit. De verpleegster geeft me nog een hele bundel met vragen die ik moet invullen en terwijl ik daarmee in de weer ben, zie ik dat mijn schoonmoeder weer rustelozer wordt. Ze wil naar huis en wanneer ik haar zeg dat ze toch nog even moet blijven, vertelt ze me vol overtuiging dat ze al geopereerd is en dat alles goed gegaan is en dat de dokter net gezegd heeft dat ze naar huis mag. Met heel veel geduld kan ik haar toch overtuigen om een slaapkleedje aan te trekken en omdat ze dat (gelukkig) associeert met slapen, gaat ze even later gewillig in bed liggen. Ik vul de vragenlijst verder in en merk dat ze zelfs de neiging heeft om in slaap te vallen. Dus maak ik van de gelegenheid gebruik om – met de belofte in de namiddag tijdens het bezoekuur terug te komen – afscheid te nemen. Ze blijft rustig liggen en ik ga de kamer uit.

Aan de verpleegbalie vul ik de vragenlijst verder in en wanneer ik die aan de dienstdoende verpleegster overhandig, spreek ik toch ook mijn verwondering en bezorgdheid uit over het feit dat mijn schoonmoeder opeens zó veel verwarder lijkt dan anders. Met een ‘ja, dat kan’, neemt ze de vragenlijst van me over en ze draait zich alweer om. Rest me dus niets anders dan maar huiswaarts te keren. Diezelfde namiddag ga ik mijn schoonbroer thuis ophalen, want hij wil absoluut bij moeder op bezoek. Ik probeer hem op zijn niveau toch wat voor te bereiden op het feit dat ze misschien toch wat méér verward is dan anders en hij lijkt het ook wel te begrijpen. Maar op wat we vervolgens zouden meemaken, was zelfs ík niet voorbereid. We komen de kamer binnen… en mijn schoonmoeder spreekt ons aan alsof we de dokter en verpleegster zijn. Geen enkele blik van herkenning. Ze zegt naar het toilet te moeten en ik begeleid haar… ondertussen koortsachtig nadenkend hoe ik deze situatie moet aanpakken. Ik neem haar bij de arm en spreek haar naar gewoonte aan met ‘moederke’ en dat lijkt haar toch wat ‘terug’ te brengen. Ze kijkt me aan en zegt vol verwondering: “oh, jij bent het… ik had je niet herkend met de zon door de ramen” (terwijl het buiten pijpenstelen regent). Ik stel haar gerust en zeg dat zoiets kan gebeuren en dat het helemaal niet erg is. Ondertussen vertel ik ook dat haar zoon met me is meegekomen. Wanneer we terug de kamer instappen begroet ze hem dan ook bij naam en ik haal inwendig toch wat opgelucht adem.

Waar ik ook niet meteen op gerekend heb, is het gedrag van de drie kamergenotes. Alle drie dementerende dames, de ene al wat ‘erger’ dan de andere. Eentje blijft de hele tijd aan mijn schoonbroer vragen of hij haar straks naar huis wil brengen. De arme jongen weet absoluut niet hoe te reageren en wanneer moeder dan ook nog wat onsamenhangende dingen begint te vertellen, wil hij al snel naar huis. In de auto is hij maar stilletjes en ik slaag er duidelijk niet in om hem gerust te stellen. Op mijn vraag of ik hem de volgende dag opnieuw zal komen ophalen, krijg ik een resoluut ‘neen’.

De volgende dag bel ik ’s ochtends naar het ziekenhuis om te informeren hoe mijn schoonmoeder het stelt en hoe de nacht geweest is. Ik krijg te horen dat ze  blijkbaar de halve nacht heeft rondgedoold en dat ze zichzelf daarbij verschillende malen bevuild heeft. Ik schrik daar toch danig van en vraag ook meteen of ik diezelfde dag nog de behandelende arts kan spreken. Dat kan en ik krijg een afspraak om vier uur diezelfde namiddag.

Nadat ik eerst even bij mijn schoonmoeder langsga en daarbij vaststel dat haar toestand zeker niet verbeterd is en ze bovendien nu ook een luier draagt, ontmoet ik haar behandelende arts. Hij heeft duidelijk haast en valt met de deur in huis. Een knie-operatie is zeker niet aan te raden want mijn schoonmoeder is blijkbaar helemaal niet meer in staat om de meest eenvoudige opdrachten uit te voeren. Ze scoort slecht op de MMSE-test en ofschoon dat deels kan toegeschreven worden aan de typische ziekenhuisverwardheid – zo gaat de dokter verder – is haar toestand volgens hem toch wel zó ernstig dat hij zich zelfs vragen stelt over de huidige thuissituatie. Zonder veel omhaal zegt hij vervolgens dat zij zéker op de wachtlijst moet geplaatst worden voor een opname op een gesloten afdeling van een rusthuis… én dat we haar eigenlijk al lang onder voorlopig bewindvoering hadden moeten laten plaatsen. Wanneer ik er eindelijk een woord tussenkrijg en hem vraag wat hij bedoelt met ‘typische ziekenhuisverwardheid’, veegt hij dat snel van tafel. Ik vraag echter door en hij vertelt me dat het inderdaad zo is dat ‘dergelijke’ mensen wel eens verwarder zijn tijdens een opname in het ziekenhuis maar dat het meestal niet lang duurt vooraleer ze voortdurend datzelfde gedrag zal gaan vertonen.

Wanneer ik hem vervolgens vraag hoe het nu verder gaat, wordt hij wat kortaf en zegt dat hij net gezegd heeft wat ons te doen staat. Mijn reactie dat het allemaal wel héél erg snel gegaan is (we kregen de eerste diagnose van beginnende dementie slechts vier maanden eerder) en dat we ook rekening moeten houden met de situatie van de inwondende mentaal gehandicapte zoon, maakt hem kregelig. Nogal bot zegt hij vervolgens dat hij niets méér kan doen en dat mijn schoonmoeder de volgende dag ’s ochtends naar huis mag en dat ik dat maar praktisch moet regelen met de verpleging.

De volgende dag wanneer ik mijn schoonmoeder ga ophalen, verwacht ik haar gekleed aan te treffen, klaar om huiswaarts te keren. Maar ze loopt rond op de gang met haar slaapkleedje nog aan. Ik vraag aan de dienstdoende verpleegster of er misschien een probleem is en of ze misschien nog langer moet blijven. Blijkt dat ze haar wel hadden aangekleed maar omdat ze daarop was beginnen ronddolen en een paar keer geprobeerd had de afdeling te verlaten, hadden ze haar opnieuw haar slaapkleedje aangetrokken.

Ik help mijn schoonmoeder met aankleden, pak haar spulletjes allemaal bij elkaar en we keren huiswaarts. Het waren enkele energievretende dagen waarin we toch wel heel wat te verwerken kregen en dan ben je blij dat ze terug thuis is en alles zich hopelijk terug wat stabiliseert. Maar jammer genoeg zou al snel blijken dat dat valse hoop is en dat we eigenlijk alleen maar een snelle, beangstigende blik op de (nabije)  toekomst hebben gekregen… Wordt vervolgd.

Advertenties

Over Martine Vangaver

ben passioneel bezig met het ijveren voor meer toegankelijkheid van de sociale voorzieningen voor de meest zorgbehoevenden in onze maatschappij en schrijf daarover op https://martinevangaver.wordpress.com/ Verder ben ik als voorzitster van Ziekenzorg CM Leefdaal (vanaf 24 september Samana) even passioneel bezig met de verjonging en vernieuwing van onze plaatselijke werking
Dit bericht werd geplaatst in dementie, opname RVT (of WZC - woon- en zorgcentrum) en getagged met , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

5 reacties op Beangstigende blik op de toekomst

  1. cil segers zegt:

    het is beangstigend hoe op geriatrische diensten er soms geen tijd is voor gesprek tussen verpleging, dokters en familie.
    Het zijn zeker die diensten waar gesprek met angstige en onwetende familie het groots is.Dit komt soms door onderstaffing personeel, en het stigma dat “geriatrische diensten hebben !!
    Familie speelt op deze diensten vaak de rol van waakhond voor hun “patient”

    Like

  2. dema30 zegt:

    Heel herkenbaar. Onbekende situaties geven angst en onzekerheid. Het brein draagt de oplossingen aan. “De dokter heeft gezegd dat ik kan gaan”… Je moet het proces maar blijven begeleiden en je niet uit het veld laten slaan… Sterkte. Ik ben benieuwd naar het vervolg.

    Like

  3. Elise D. zegt:

    Beste Martine ,
    ben blij eindelijk uw blog ontdekt te hebben .
    Ook wij ervaren al 3 jaar wat het is om demente ouders te hebben . Mijn vader is 2 jaar geleden een maand in het ziekenhuis geweest .. en wat jij hier beschrijft , komt mij heel bekend voor .
    Sinds januari 2009 is hij opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis en inderdaad: de familie (lees : vooral ik ) moet ook daar als waakhond fungeren zodat hij toch zoveel mogelijk een goede verzorging krijgt .
    Mijn moeder is sinds een tijd ook zeer verward maar woont nog alleen in de woning.

    Ik zal hier nog vaak komen meezezen . ben blij eindelijk iemand gevonden te hebben die probeert aan de trieste toestand van patienten iets te veranderen.

    Like

  4. Serneels Gaston zegt:

    Beste bloggers
    Heb zopas voor het eerst het woord ‘ziekenhuisverwardheid’ gehoord. Het was de verpleegster die de thuiszorg waarneemt voor mijn vrouw die het me vertelde.
    Mijn echtgenote, 76 jaar, heeft een ‘totale nieuwe heupoperatie’ ondergaan. Ingreep is goed verlopen en ze kan nog geen 3 weken na de ingreep, zij het met een kruk, al goed stappen.
    Moet wel melden dat ze al enkele jaren de ziekte van Parkinson heeft, maar buiten iets trager van begrip zijn er nog geen echte problemen met haar geestestoestand.
    Wat ik wel kwijt wil is dat ook mijn vrouw de eerste dagen na de operatie verward overkwam. Ze beweerde dingen te zien die er niet waren, vergiste zich van dag en uur. Had ook nachtmerries. “Is niet abnormaal, dat maken we vaak mee met wat oudere mensen, andere bed, andere kamer en omgeving” was het antwoord dat ik op mijn vraag kreeg van een verpleegster, en weg was ze…
    Nu ze terug thuis is, is ze terug als voor de operatie.
    Denk dat het een gevolg kan zijn van de samenloop van omstandigheden. Volledige verdoving, fel verzwakt (kreeg 3 zakjes bloed toegediend), verschillende medicijnen die ze moest verdernemen voor parkinson en hartproblemen. Daarbovenop nog enkele medicijnen tengevolge van de operatie.

    Like

  5. dankjewel voor deze (h)erkenning…het lijkt wel alsof je soms helemaal alleen staat in dit soort verhaal. Ik was ook helemaal neit bekend met ‘ziekenhuisverwardheid’ tot mijn oma na een heupoperatie plots dement leek…hallucinaties, het niet herkennen van haar geliefden, boos worden zomaar, geen pijn voelen ondanks net geopereerd te zijn, willen rechtstaan in de uren na ontwaking uit narcose… Daarnaast laat het UZ Leuven geriatrie ECHT te wensen over… ik heb dan ook een uitgerbeide klachtenmail gstuurd naar hun ombudsdienst en hoop een beter verder verloop. Alles wat je wenst is dat je geliefde oma (of wie dan ook) naar waarde behandeld wordt…

    dank je voor deze blog!

    Onze brief:
    Wij schrijven u namens onze oma, meter en vrouw die momenteel op de afdeling Geriatrie verblijft na een heupbreuk, post operatief delier en een maagbloeding.
    Het is echter met groot verdriet en verontwaardiging dat we moeten vaststellen dat onze oma/meter/vrouw allesbehalve waardig wordt behandeld en ook wij niet moeten rekenen op het minste respect of vriendelijkheid vanwege meerdere verpleegkundigen op de afdeling. Zo is het reeds meermaals gebeurd dat onze oma/meter/vrouw tot 20 minuten toe moet wachten om naar het toilet te mogen, en als wij als naaste en bezorgde familie eenvoudige basisvragen stellen zoals ‘heeft ze goed gegeten vandaag?’ of ‘hoe is het met haar verwardheid?’, krijgen we als antwoord: ‘dat kunnen we niet zeggen aan Jan en alleman’, of ‘wij hebben al genoeg werk’.
    We begrijpen dat de verpleegkundigen het druk hebben (ook al vinden ze blijkbaar nog de tijd om allemaal tegelijk een koffiepauze te houden), maar verwachten toch een minimum aan zorg, vriendelijkheid en informatie. Momenteel wordt oma/meter/vrouw niet behandeld als de waardige vrouw die ze is en is het duidelijk dat wij als familie als “last” worden beschouwd door de verpleging. Het is normaal dat wij graag weten hoe het met haar gesteld is. We begrijpen dat we voor meer gedetailleerde informatie een afspraak met de dokter dienen vast te leggen maar als het gaat om de dagelijkse veranderingen (erg eenvoudige dingen) kan het voor ons niet dat wij daar geen vragen over mogen stellen. We kunnen toch moeilijk verondersteld zijn om voor iedere dag een afspraak met de dokter vast te leggen, hetgeen trouwens ook voor werkende mensen alleen maar op erg moeilijke momenten mogelijk is. We vinden dat deze manier van werken in geen geval overeenstemt met onze visie op ouderenzorg. Wij zijn haar kleindochter, petekind en man en hopen op een aangenamer verder verloop van de behandeling van onze geliefde.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s